Verhalen uit de praktijk

Verhalen vanuit het werkveld in de Haagse Schilderswijk

Zijn wij nog alert op armoede in gezinnen?

 

Tegenwoordig is het moeilijker te zien of ouders en kinderen in armoede leven. De pedagogisch professionals moeten hun ogen en oren openhouden.
Bij de verschillende winkels koop je goedkope leuke kleding. Make-Up en nepnagels zijn al voor 3 euro aan te schaffen. Ouders en kinderen zien er aan “de buitenkant” uit of er niks aan de hand is.
Zo ook het kleine meisje op mijn groep. Ik open haar tas, zie een verrotte appel, een flesje drinken waar iets
in drijft. En daar is het…..Zaza de kakkerlak. Een moment ben ik geneigd om de hele Schilderswijk bij elkaar te gillen. Gelukkig overheerst mijn pedagogisch houding het van mijn angst.
Het Nederlands sprekend meisje ziet de kakkerlak en zegt enthousiast, “ thuis beestjes. Beestjes keuken”.

Ik ga het gesprek met moeder aan. Eerst is er schaamte en dan blijkt dat het huis vol zit met Zaza’s🪳
Met elkaar( IB, SMW) kijken wij wat er voor hulp kan komen.

Het is bijna zomervakantie! Ik denk aan de kinderen in de Schilderswijk.
Hoe vieren zij de vakantie? Wat eten ze? Hoe komen ze de vakantie door? Zouden ze genieten van het voedselpakket dat is uitgedeeld?
Hoeveel kinderen zijn er afgelopen jaar geholpen en hoeveel kinderen zijn er nog niet zichtbaar.


 

Juni 2025 Onverwachts een dagje op de groep

Onverwachts een dagje op de groep.

Vandaag hebben de peuters een uur lang vol verwondering met water gespeeld. Wat van buitenaf misschien gewoon “spelen” lijkt, is in werkelijkheid een rijke sensomotorische ervaring.

Ze gebruikten pannetjes, klei, papier en steentjes, en ontdekten wat blijft drijven en wat zinkt. Een steen…..zinkt het of blijft het drijven?

Spelenderwijs werkten ze aan hun fijne motoriek, oog-handcoördinatie en cognitieve ontwikkeling.
De blije gezichten en verwonderde reacties waren mooi op te zien.


ZinkenEnDrijven Peuterontwikkeling SensomotorischSpel VVE hashtagPeuterhoek #DenHaag

 

 

April 2025 Schermgebruik bij jonge kinderen

Binnen mijn werkveld loop ik tegen grote zorgen aan. Veel kinderen hebben een spraak- en taalachterstand en/of kenmerken van ASS. Meerdere kinderen blijven langer op de voorschool, omdat het reguliere onderwijs geen optie is.
En als ik om mij heen kijk, maak ik mij nog meer zorgen.


Het kleine peutertje zit in de bus met een tablet op schoot. Heerlijk rustig en volledig in het schermpje. Vader staart naar zijn eigen mobiel.
Voor een goede spraak- en taalontwikkeling is het volgende nodig; Horen en zien, de motivatie om een taal te leren en contact met anderen.

Denk hierbij aan oogcontact, gezamenlijke aandacht, beurtgedrag, mogelijkheid tot imitatie. Dit leert een kind niet door op een scherm te kijken.
Naar mijns inziens is het vijf voor twaalf.

Ik geloof echt dat ouders het beste voor hun kinderen willen, maar dat er een stukje kennis mist op het gebied van de spraak- en taalontwikkeling.

Inmiddels ben ik in de pen gekomen om de ouders binnen mijn werkveld meer informatie aan te bieden over de spraak- en taalontwikkeling van hun kinderen.

En ook voor ons als professionals.....buiten is zoveel meer moois te zien, dan op ons schermpje. 😊

spraaktaalontwikkeling schilderswijk voorschool kinderopvang ouders jongekind

Huisbezoek

 

Onlangs was ik bij een gezin dat met z’n vijven woont op 48 m². Vader, moeder en drie kinderen. De sfeer was warm, liefdevol en vol humor. In de woonkamer stond een bank, een kleine tafel en een tv. Er is geen ruimte voor een eettafel, dus eten doen ze samen op de bank.

Het zette mij aan het denken.

Wanneer peuters bij een gemiddelde voorschool binnenkomen, vragen wij iets heel anders van hen. Ze mogen(of eigenlijk: moeten) aan tafel zitten. Een puzzel maken, een boekje lezen, kleien en tekenen. In de kring wachten tot iedereen klaar is met fruit eten. En ik snap het. Ik herken het vanuit mijn eigen tijd op de groep.

Maar wat als stilzitten helemaal niet past bij waar een jong kind op dat moment is in zijn ontwikkeling?
Veel jonge kinderen hebben een natuurlijke behoefte om te bewegen, te ontdekken en spelenderwijs te leren. Thuis is er soms weinig ruimte, weinig speelgoed of weinig structuur die lijkt op wat wij in de opvang of op school verwachten. En toch verwachten wij dat kinderen aansluiten bij onze routines.
Wat levert het een peuter daadwerkelijk op om te wachten tot de laatste zijn fruit op heeft?
Welke ontwikkelingsdoelen dienen we daarmee?
En belangrijker: sluiten onze verwachtingen wel aan bij de leefwereld van het kind?

We weten uit ontwikkelingspsychologie dat jonge kinderen leren via beweging, spel en interactie. Zelfregulatie, taal en sociale vaardigheden ontstaan niet alleen aan tafel, maar juist in vrij spel, in ontdekken, in ervaren.

Tegelijkertijd weten we dat er richting groep 1 doelen behaald moeten worden. Maar hoe realistisch is dat, wanneer sommige kinderen thuis nauwelijks ruimte of materialen hebben om te oefenen?

Gelijke verwachtingen betekenen niet automatisch gelijke kansen.
Misschien ligt de vraag niet bij het kind, maar bij ons.

Durven wij onze pedagogische keuzes opnieuw te bekijken?
Durven wij ruimte te maken voor verschillen in thuissituaties?
En durven wij te erkennen dat ontwikkeling niet altijd aan tafel begint, maar vaak juist daarbuiten?

Nogmaals ik begrijp het, maar ben nieuwsgierig.
Ik ben benieuwd: hoe vinden jullie de balans tussen structuur bieden en ontwikkelingsruimte geven aan jonge kinderen?

hashtagkinderopvang hashtagonderwijs hashtagpedagogiek hashtaggelijkeKansen hashtagjongekind